Home » Projecten » Projecten 2015 » 169 Habitat for Humanity Indonesië

Indonesië project

Met veel plezier doe ik verslag van een project in Indonesië waar ik, mede door financiële steun van WW4K, mee heb mogen helpen aan het verbeteren van de leefomstandigheden van vier tot dan toe kansarme gezinnen met 9 kinderen.

 

Indonesië is het thuisland van meer dan 253 miljoen mensen, van wie 12% in extreme armoede leeft. Degelijke huisvesting is een voortdurende uitdaging. De tsunami van 2004, een zware aardbeving 18 maanden later en overstromingen het daarop volgende jaar hebben de problemen alleen maar verergerd. De Verenigde Naties schatten dat het land behoefte heeft aan 735.000 huizen per jaar en dat nog eens 420.000 huizen gerepareerd moeten worden.

 

Hier heb ik een bescheiden maar toch mooie bijdrage aan kunnen leveren onder leiding van Habitat for Humanity, een internationale organisatie die actief is in meer dan 70 landen. Habitat gelooft dat een veilig (t)huis hét middel is voor mensen om een eigen toekomst op te bouwen. Het begint met een solide dak boven je hoofd, stevige muren en schoon drinkwater.

 

Dat is de basis. En het verschaffen van die basis begon op dag één met het afbreken van de bouwvallen waarin die gezinnen tot dan toe leefden, waarna we op dag twee en drie een fundering hebben aangelegd door een geul van ongeveer een meter diep te graven om deze vervolgens vol te storten met rotsblokken en cement en vervolgens steeds kleinere stenen zodat de woning een stabiele ondergrond zou krijgen. Dat dit geen onnodige luxe is, blijkt wel uit het feit dat het gebied waar we bouwden meerdere keren per jaar getroffen wordt door aardbevingen.

 

Op de vierde dag konden we beginnen met het maken van de bewapening voor het beton en de vloer. Toen dit gereed was kon begonnen worden met het metselen van de muren. Alles met lokale materialen en volgens lokale werkmethoden, wat de volgende drie dagen duurde. De afwerking, het stucwerk, nam nog een dag in beslag. Het mooie aan de werkwijze van Habitat is dat de nieuwe huiseigenaren zelf mee moeten bouwen, en dat je de families gedurende die acht dagen heel goed leert kennen. En zo ook de kinderen. Kinderen die tot dan toe nooit geslapen hebben in een woning waar regen, stof, modder, ongedierte, grotere dieren en andere ongenode gasten buiten de deur gehouden konden worden.

 

Gedurende de bouw heb ik genoten van het contact met de kinderen, met hun vrolijkheid ondanks de situatie waar ze in zitten, met de manier waarop zij van een afval product of voorwerpen uit de natuur speelgoed weten te maken, van de rommel die zij omtoveren tot muziekinstrumenten, van het plezier wat ze hebben tijdens een enorme stortbui en van hun pogingen om met je te communiceren ondanks dat we niet dezelfde taal spreken.

 

Naast het bouwen heb ik dan ook veel Engels met ze geoefend, en hebben we veel samen gespeeld. Als je een paar uur lang met een kruiwagen op en neer moet lopen om de bakstenen naar de bouwlocatie te krijgen, kan je op de terugweg uiteraard een paar kinderen een lift geven, en waarom zou je geen hoedjes maken van een kapotte voetbal. Zelf wordt je ook weer even kind.

 

En wat kunnen we toch veel leren van kinderen. Op de laatste dag hoorde ik in de verte mijn naam roepen. Het was Mia, het meisje waarmee ik Engels had geoefend en die meerdere kruiwagen-tochten met me had gemaakt. Ze kwam onderweg naar haar schooltje, keurig gekleed in het door de overheid verstrekte schooluniformpje, langs om mij één van de twee armbandjes te geven die ze droeg. Een gebaar van onschatbare waarde... want die twee armbandjes waren het enige wat ze had!

 

Naast deze onvergetelijke ervaring mocht ook het resultaat van 8 dagen hard werken er zijn… met de 29 deelnemers aan dit project hebben we maar liefst vier huizen kunnen bouwen, waardoor 9 kinderen met hun ouders een veel mooie toekomst hebben. Het gevoel van voldoening wat je krijgt als je écht een wezenlijke bijdrage hebt kunnen leveren aan de toekomst van tot dan toe kansarme kinderen is echt onbeschrijfelijk. Het is iets wat je iedereen gunt.

 

Marcel van Wijk